Selfdriven in Zuid-Afrika

23 februari 2016 - Cairns, Australië

Op de pont mogen we niet in de auto blijven zitten. Ach, geen probleem, want ik wilde toch wat foto's maken. Het pontje heeft niet heel lang nodig om naar de overkant te komen, dus niet veel later zetten we de auto aan Zuid-Afrikaans land. Na een paar honderd meter komen we bij de douane en dus stappen we uit om onze stempel voor Zuid-Afrika te halen. De official vraagt ons eerst of we de pont al hebben betaald. Eh nee? Waar moesten we dat doen dan? Dus ik loop naar de receptie van het park, terwijl Mathijs ondertussen bij de douane en politie alles regelt. Als ik terugkom is Mathijs ook bijna klaar en zijn we dus toegelaten in weer een ander land :) We gaan weer terug naar de receptie, deze keer om in te checken op de camping. We moeten nog wel onze conservation fee betalen voor het Richtersveld National Park, maar we vragen of het ook mogelijk is om een Wild Card te kopen, waarmee we ook toegang hebben tot heel veel andere parken in Zuid-Afrika. We zijn hier ook nog wel even en gaan nog naar verschillende andere parken, dus dat zou ideaal zijn. En ja, dat is zeker mogelijk, alleen werkt de computer niet echt mee, dus vraagt ze ons later terug te komen. Dus nu eerst maar op naar de camping.

Ook hier is het weer ontzettend warm en ik begin er ondertussen ook last van te krijgen; niet echt lekker en eigenlijk niks kunnen doen. Maar ja, weinig aan te doen en gewoon blijven drinken-drinken-drinken... Later in de middag wordt de lucht aan de Namibische kant steeds donkerder, dus meer en meer kijken we uit naar een verfrissende regenbui. Op een gegeven moment lopen we een stukje van de camping af om goed te kunnen kijken naar de naderende wolkenmassa en de vele flitsen die eruit komen. Stuk voor stuk verdwijnen de bergen aan de Namibische kant in het grijs. We halen zelfs de stoelen op om zittend naar het spektakel te kunnen kijken (de stenen op de grond zijn veel te heet om op te kunnen zitten...). We zien boven de dichtstbijzijnde bergen een oranje wolk ontstaan die steeds groter lijkt te worden. Eerst vragen we ons af wat het kan zijn, maar dan bedenken we dat het weinig anders kan zijn dan een stofwolk die wordt veroorzaakt door de wind die voorafgaat aan de regen.

Voordat de wolk bij ons is, brengen we de stoelen terug en stappen we in de auto, om weer op dezelfde plek te gaan staan om de regen op te wachten. We zetten de motor maar wel uit, om te voorkomen dat we het luchtfilter vol stof hebben. Nadeel is wel dat het daardoor ontzettend snel opwarmt in de auto, dus binnen de kortste keren hebben we beide druppende gezichten en natte armen. Maar we genieten ervan om zo toe te kunnen kijken. Zoals verwacht zitten we eerst middenin een stofwolk en dan komen de druppen! Helaas zijn de wolken alweer leeg en blijft het bij een paar druppen, dus blijft het bij vrijwel alleen bij stof. Als we het echt te warm hebben gaan we maar weer terug naar de camping. Het is jammer genoeg maar weinig afgekoeld tijdens de 'regenbui', dus we hopen dat dat dan later op de avond nog gebeurt. Maar ook dat gebeurt niet echt, dus slapen wil ook niet echt lekker.

In de ochtend voel ik me zowaar nog slechter dan de dag ervoor, dus Mathijs mag rijden. Het is een behoorlijk hobbelige rit, dus dat maakt niet veel beter en we stoppen zelfs even een keertje, maar gelukkig gaat het daarna steeds wat beter. Het is een mooie, maar niet hele lange rit, waardoor we niet al te laat bij onze volgende campsite aankomen, De Hoop. Het is niet heel groot en de meeste schaduwplekjes zijn al bezet, maar we vinden uiteindelijk een mooi plekje aan de rivier onder een grote boom. Ook hier is het weer ontzettend warm, dus in de schaduw zitten is eigenlijk wel een must. Als we onze buren de rivier in zien lopen voor een beetje verkoeling, besluiten wij om dat ook maar te doen. We houden nog maar wel even een shirt aan en doen een hoed op, want verbranden hebben we niet echt zin in... Het is niet heel makkelijk om fatsoenlijk de rivier in te komen, omdat het water niet echt helder is en overal grote stenen liggen, maar als we eindelijk in het water liggen, is het heerlijk verfrissend.

Na een half uurtje poedelen gaan we er maar uit en zoeken we ons plekje in de schaduw weer op. Iets later besluiten we om onze lakenzakken maar te wassen. Die hadden we in de vorige wasronde niet meegenomen en het is nu eigenlijk veel te warm om dat te doen, maar het is nu toch echt wel tijd om ze eens schoon te maken. We maken weer een mooi waslijntje en hangen ze op. Ook nu is er weer goed veel wind en die blijft maar draaien, dus we moeten de lakenzakken goed in de gaten houden, maar gelukkig zijn ze in ruim een uurtje alweer droog.

We raken ook nog even aan de praat met de buurman, een Zuid-Afrikaan, die het ook ontzettend warm vindt. Volgens zijn thermometer was het de vorige dag 47,5°C (!) in de schaduw en vandaag zo'n 45,5°C. Geen wonder dat we het dan ontzettend warm vinden...

Als de zon onder is koelt het eindelijk een klein beetje af. We verzetten de auto nog even naar een plek die iets vlakker is en zetten de tent weer op. Maar in de nacht is het helaas nog wel te warm voor een goede nachtrust, dus hopelijk kunnen we die later inhalen...

Ook nu hebben we weer geen lange rit voor de boeg, maar we vertrekken niet al te laat. Het is weer een mooie, maar toch ook hobbelige route. En het is bijzonder rustig in het park, want we komen zelfs op de hoofdweg bijna niemand tegen. Op zich ook niet verwonderlijk op Oudjaarsdag, maar toch. Op het weggetje naar Kokerboomkloof rijden we nog langs twee uitkijkpunten waar we genieten van het uitzicht en het verfrissende briesje. Het lijkt er op dat het vandaag eindelijk weer iets koeler is :)

De camping blijkt bijzonder klein te zijn en we zijn nog de enigen als we aankomen. We zoeken het mooiste plekje uit en zetten de auto neer. Heel veel schaduw is er niet en het briesje is hier ook niet heel erg aanwezig, waardoor het toch wel weer goed warm is. Om toch een beetje koel te kunnen blijven zetten we de stoelen en tafels maar onder het afdakje voor de wc neer.

Later op de middag wagen we even een rondje om de camping en maakt Mathijs foto's van een paar van de vele kokerbomen. Het zijn toch ook wel bijzondere planten, of bomen?

Als het donker begint te worden, stoken we ons kampvuurtje op, voor de leuk, maar ook tegen beesten. Geen idee of die hier zitten, maar we zijn natuurlijk maar alleen en bereik hebben we hier ook niet. Vuurwerk hebben we niet gevonden, dus de zoetstof (een miskoopje) is nu gebombardeerd tot vuurwerk. Het is niet zo spectaculair als vuurwerk, maar het is in ieder geval beter dan niets ;) We drinken een wijntje en eten wat. We hadden gehoopt op deze verlaten camping met weinig licht te kunnen genieten van de sterrenhemel, maar het is bewolkt, en goed ook... Op een gegeven moment zien we licht in de verte. Het komt steeds dichter bij en uiteindelijk blijkt het een auto te zijn. Ze rijden nog even langs om gedag te zeggen en zoeken dan een plekje op.

We waren eigenlijk van plan om middernacht uit te zitten, maar als het om 11 uur begint te regenen leggen we de stoelen in de auto, maken we het vuurtje uit en kruipen we de tent in. Om 12 uur zeggen we nog wel even Gelukkig Nieuwjaar tegen elkaar, maar daarna liggen we ook zo te slapen.

De volgende ochtend slapen we heerlijk een beetje uit. Na een ontbijtje en nadat alles weer is ingepakt gaan we weer op weg naar de bewoonde wereld. Het eerste stuk tot aan de gate van het park is weer vrij ruig met veel fossiele aardappelruggen en steile hellingen met veel stenen, maar ook nu komen we er weer zonder problemen doorheen.

Aan het begin van de middag komen we aan op de camping en krijgen we een plek aan de Oranjerivier toegewezen en weer met uitzicht op Namibië. Na een lunch besluiten we onze ouders te bellen om ze een gelukkig nieuwjaar te wensen, want hier hebben we weer bereik. We doen verder lekker rustig aan en genieten vooral van het uitzicht en de rust. In de avond maken we onze kolen op en eten we nog één keer aardappelen en steak van de BBQ, want het is waarschijnlijk de laatste keer tijdens onze selfdrive dat we een braai- en vuurplaats hebben. Nadat het eten van de kolen is beginnen we dan ook meteen met het opstoken van ons laatste hout. Deze avond is het wel weer helder dus kunnen we de wondere sterrenhemel weer aanschouwen met een drankje in de hand en een knetterend vuurtje op de achtergrond: heerlijk! :)

We maken het niet al te laat, want we hebben weer een lange rit te maken. We gaan er dan ook vroeg uit. Het is voor de verandering een bijzonder simpele rit, zo'n beetje alles over asfalt en bijna alleen recht door (nadat we de grote weg op zijn gedraaid geeft Garry de volgende afslag aan na ruim 450 km...). Maar zo simpel als de rit lijkt, valt het toch tegen om Gecko Creek te vinden. Ten eerste omdat Garry de camping niet kent en ten tweede omdat er wegwerkzaamheden zijn bij Clan William. Garry wil ons een weggetje in hebben, waarvan wij niet geloven dat we daar in moeten, dus keren we om en gaan we het stadje in, maar ook daar worden we weinig wijzer. Nadat we een paar keer op en neer gereden zijn en blijkt dat de VVV dicht is, proberen we toch maar het weggetje waar Garry ons heen stuurde. Uiteindelijk komen we bij een huis en gaat Mathijs maar naar binnen om te vragen waar we heen moeten. Na een belletje wordt duidelijk dat we nog een stukje verder moeten op de grote weg. Met de aanwijzingen vinden we het gelukkig nu wel, maar al met al heeft het nog best wat tijd gekost...

We checken in en worden naar ons hutje begeleid. Het is simpel, maar wel leuk aangekleed en we hebben weer eens een geweldig uitzicht! Ook hier is het weer lekker warm, dus we plonsen (net als zo'n beetje alle andere gasten) het zwembad in om wat af te koelen. Als we genoeg zijn afgekoeld en weer wat zijn opgedroogd, gaan we richting de gezamenlijke keuken om onze pasta klaar te maken. Daarna vervolgen we onze weg naar het kampvuur. Het duurt tot een uur of 10 voordat dat aan gaat, maar het is nog warm genoeg, dus eigenlijk is het ook wel prima... We liggen op zitzakken en kletsen met de gastvrouw en een Zuid-Afrikaans stel en ondertussen kijken we weer naar de sterren. We raken de tel kwijt van het aantal vallende sterren, dus dat waren er redelijk wat. Rond middernacht hebben we het wel gehad en zoeken we ons hutje op.

Na een ontbijtje de volgende ochtend wagen we ons aan het opruimen van de auto. Alles moet weer de tassen in en van alle gekochte spullen moeten we uitzoeken wat we nog mee willen nemen en wat we in de auto achter laten. Ondanks dat het nog redelijk vroeg is, brandt het zonnetje er al goed op los, dus ik ben blij als we klaar zijn en op weg kunnen voor onze laatste etappe naar Kaapstad. Toch wel een gek idee dat ook dit avontuur alweer bijna voorbij is...

Het is op zich niet heel ver meer naar Kaapstad, maar ook hier hebben we weer het probleem dat Garry het hostel niet kent en ook het invoeren van het adres blijkt een onmogelijke opgave. Dus gebruiken we de kaart die in de auto zit. We vinden de Strand Street, maar vervolgens kunnen we nog steeds niet echt het hostel vinden. Nadat we de straat een paar keer op en neer zijn gereden, bellen we maar eens. Met de aanwijzingen die we krijgen, vinden we het uiteindelijk. Op zich ook niet heel gek dat we zo aan het zoeken waren, want er hing nergens een bord met de naam van het hostel en lang niet alle panden hebben een straatnummer op de gevel staan. We parkeren de auto achter het hostel en gaan naar binnen. We lopen nog en keer op en neer om de laatste tassen te halen. We melden de autoverhuurder ook nog maar even dat we al aangekomen zijn en dat de pick-up dus ook wel wat eerder kan plaatsvinden dan 16:00. We besluiten onze broodjes maar buiten bij de auto op te eten, want we weten eigenlijk niet helemaal zeker of de auto wel veilig staat en er liggen natuurlijk nog wat spullen in die we achterlaten. Na een kleine anderhalf uur komt er rond half 4 iemand van Bushlore aan. We geven wat aandachtspuntjes aan, lopen een rondje om de auto en leveren natuurlijk de sleutels in. En dan zit de selfdrive met Hilly en Garry er echt op...

Foto’s